Klauwgezondheid

images

stinkpoot

Koeien zijn afhankelijk van hun eigen beenwerk. Klauwen spelen daar een belangrijke rol in. Onlangs is vast komen te staan dat het begrip achterklauwhoogte meer over de klauwkwaliteit zegt dan het getal voor klauw-hoek. Waarschijnlijk heeft men erkend dat een nattige achterklauw nogal wat problemen geeft met mortellaro en stinkpoot. Wat ook voorkomt is een zoolzweer als gevolg van stinkpoot. Stinkpoot zorgt voor een weelderige groei van klauwhoorn in het balgebied. Door dit overtollig klauwhoorn kunnen pijnlijke kneuzingen ontstaan. Reden te meer om juist bij het opstallen (op beton) de klauwen preventief te bekappen. Voorwaarden voor goede klauwen: de combinatie van hardheid van het hoorn en de vorm van de klauw bepalende kwaliteit ervan. Doordat de koe de klauw continue zelf aanmaakt, ziet u haar voedingstoestand, lactatiestadium en gezondheid terug in de hoornkwaliteit. Hoorn groeit 0,5 tot 1 cm per maand. De zool is ongeveer een centimeter dik, dus bloedingen worden pas na twee maanden zichtbaar. Jaarlijks terugkerende risicomomenten zijn afkalven en het begin van de lactatie. Als de stofwisseling van de koe zich instelt op een hoge melkproductie, zijn haar klauwen zachter. De vertering van het zetmeel van snijmaïs is van verschillende factoren afhankelijk. De eerste factor is hardheid van de korrel, hoe droger de korrel hoe minder er op pensniveau wordt afmortellaro gebroken en er meer op darmniveau wordt verteerd. De tweede factor is de verkleining van de korrel. Hoe beter de korrel gekneusd is door de korrelkneuzer, hoe meer contactoppervlak voor de pensbacteriën om het zetmeel te verteren. De derde is de duur van de conservering. Verse snijmaïs verteert trager dan lang ingekuilde snijmaïs. Snijmaïs met een laag droge stofgehalte <33% ds wordt door de verzuring het zetmeel ontsloten zodat er meer op pensniveau vrijkomt. Bij omschakeling van oude snijmaïs naar de nieuwe snijmaïs zie je meer onverteerde maïsdelen, dit komt doordat de korrel harder is (conservering is te kort) en de pensbacteriën hebben nog te weinig grip op de nauwelijks ingeweekte korrel.

mortellaro

mortellaro

Goede voeding heeft veel invloed op de klauwkwaliteit. De belangrijkste factor lijkt een gezonde penswerking te zijn. Zorg daarom voor voldoende structuur in het rantsoen, samen met een geleidelijk aanbod van snel fermenteerbare producten (met name koolhydraten). Abrupte voerwisselingen zijn taboe. Evenals bedorven en verschimmeld voer. De vorming van gezond klauwhoorn vereist een voldoende aanbod van specifieke voedingstoffen, zoals calcium/fosfor, biotine, zink, koper, mangaan en de vitamines A, D, en E. Een gezonde pens(flora) maakt biotine in overmaat. De hardheid van het hoorn bepaalt de sterkte van de klauw. Dit begint op het moment van aanmaak van hoorn, in de kiemlaag van de lederhuid. Later zijn ook omgevingsfactoren van invloed, zoals verwerking door vocht of scheurtjes door droogte. Gezond zoolhoorn is niet met de duim in te drukken.

bevangenheidDe aandacht voor zoolaandoeningen als “bevangenheid” zou zich moeten richten op het bijvoeren van structuur (met name bij de vroege voorjaarskuilen en najaarskuilen). Luzerne, gehakseld, koolzaadstro of een zomerkuil zijn daar uitermate geschikt voor. Wees voorzichtig met te snel opbouwen van krachtvoer na afkalven (neem daar gerust 3-4 weken de tijd voor) met name bij bovengenoemde kuilen. Bouw iedere dag de krachtvoergift geleidelijk op in plaats van 1 keer per week een paar kilo. Houd 365 dagen per jaar de mineralenvoorziening op peil.